Geboren: 1958 te Amersfoort.
Marjan Smit volgde haar opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunsten Artibus Utrecht.
Volgens Artemodoros, een Griekse droomuitlegger uit de tweede eeuw na Christus, is dat wat men in een droom ziet een voortdurend veranderend beeld van de geest, waarin zich goede en slechte zaken weerspiegelen. Hij vergelijkt het beeld van een huis met het menselijk lichaam. Zo stelt de ‘bovenkamer’ het hoofd van de dromer voor en de ‘kelder’ het onderbewuste. In de etsen en glaswerken van Smit is deze droomuitleg duidelijk herkenbaar.
Marjan Smit werkt in de droge naald techniek. Het resultaat: spontane tekeningen van krachtige archetypische figuren in elementaire kleuren, ontstaan door beelden uit het onderbewuste.
De droge naaldetsen van Marjan Smit zijn ontstaan vanuit de oorspronkelijke eigenschappen van de etsplaten. Allerlei structuren die al op de etsplaat aanwezig zijn, vormen het startpunt van waaruit zij haar werk opbouwt. Wie een etsplaat onder de loep bekijkt, zal een wereld van lijnen en vormen ontdekken. Zij reageert daar op haar eigen manier op. Het fragiele handschrift van Marjan is de rode draad tijdens het etsen. Zij etst alsof ze met krachtige en tegelijk kwetsbare hand tekent. De variaties in de grijstonen en de minieme kleuraccenten versterken het frêle uiterlijk van de etsen. Het speelse evenwicht en de uitgekiende bewegingsaccenten houden de prenten levendig.
Sinds kort werkt Marjan Smit ook met glas. Bij deze werken maakt Marjan eerst een mal in gietzand. Vaak heeft zij thuis al zelf koperen insluitsels gezaagd, die tijdens het gietproces in de vorm worden gelegd. Na het gieten gaat de glassculptuur een week in een koeloven, waar de temperatuur langzaam wordt teruggestookt tot kamertemperatuur. Dit wordt gedaan om spanning in het glas te vermijden. Na de afkoeling zaagt zij met een diamantzaag de onderkant recht. Daarna zandstraalt zij vaak nog figuren in de bovenlaag.
De werken zijn onder de voet gesigneerd.